Search en Query Tips
De firma otys heeft natuurlijk een mooi pakket recruitment software op de markt gebracht maar hoe informatie te krijgen over implementatie mogelijkheden.
Een botte weigering je te woord te staan en alleen via een 0900 nummer voor 80 c/pm informatie over je product willen geven?
Hmmm je moet dan wel erg zeker van je zaak zijn, maak het potentiële klanten zo moeilijk mogelijk. Het geeft me een beetje pijn in de buik over de samenwerking met een club die nogal arrogant bezig is met Marketing.
Grin… normaal krijg je dit pas nadat je iets hebt gekocht. Ze zijn wel eerlijk dus. Nieuwe klanten oude klanten allemaal betalen. Of zou je als iets gekocht hebt nog meer moeten betalen??
Naschrift: Eind goed al goed, software makers zijn ook mensen en blijkbaar berust e.e.a. op een misverstand… Maar nu ik er over nadenk… m’n belminuten ben ik wel kwijt
Het begon met het knutselen van een vacature site in 1995
Hoe zijn we nou zo snel gekomen waar we zijn
Het is nu dus 20 jaar geleden dat we in Nederland voor het eerst een email via het internet ontvingen. Het CWI in Amsterdam, naast de AMS-IX had de primeur.
Leuk om te zien dat de header in een email in 20 jaar niet veranderd is, de hoeveelheid wel. Ik weet niet hoe het met u is, maar ik lees misschien een procent of 10 van alles wat in mijn mailbox terecht komt.
Email hadden we eigenlijk al langer, het HCC net, FIDO een netwerk van centrale computers die je rechtstreeks met je 1200 baud modem moest bellen. Soms had zo’n “Sysop” (zo werden de beheerders genoemd) echt heftig uitgehaald en konden er 2 of 3 mensen tegelijk inbellen. In de jaren 80 vonden we het een reuze geavanceerd gebeuren. Je kon programma’s uploaden en downloaden en berichten versturen. Die werden dan s’nachts als met de post trein naar andere “nodes” verstuurt en ontstond toch een soort netwerk.
In 1993 had in mijn eerste internet aansluiting. Op mijn kantoor aan de Kruislaan, naast de Amsterdam Internet Exchange konden we via NL-net een aansluiting krijgen. Met telnet sessie, gopher en wat gepruts met browsers als mosaic kon je een enorme hoeveelheid niet terzake doende informatie bekijken.
Aan de Kruislaan was het alle ondernemers duidelijk. Dit was de toekomst. Nu terug kijkend kan ik niet anders dan concluderen dat we wel heel optimistisch waren. Dat je via een UNIX interface en een hoop type werk een verbinding met een Amerikaanse server kom maken is leuk, maar wat je dan moest?
Het de bevolking van het Science Park begon in iedergeval in 1994 goedgemutst zonder veel investeerders en zeer terughoudende banken aan de “internet bubble”. En het ging onmiddellijk snel. Kon je in het begin van het jaar nog trots een pagina op je server aan anderen laten zien, tegen het einde van het jaar moest er toch tenminste een database aanhangen.
Wij begonnen in 1994 met een eerste “dynamische” vacature site. Een leuke tijd, geen mens begreep het hoe en waarom, VNU kwam op bezoek om te kijken en bij Ilse zat Merien en kornuiten te knutselen met schijven zo groot als keuken tafels. En dat was een slimme zet.
Het idee om een index van al die spullen op het net te maken was opgang aan het maken in de VS, en Ilse zou het Nederlandse web in kaart brengen.
Orde in de chaos, en dat moest de toekomst zijn. Iedereen toegang tot alle kennis die de mensheid tot nu toe had opgedaan. En de wereld zou een dorp worden waar we elkaar allemaal begrepen.
Zo midden 1995 werden we nogal ruw uit onze idealistische droom gewekt. Van orde in de chaos was geen sprake. Je kon nu echt niets meer vinden. Tot dan toe had Bill Gates verkondigd dat het internet een fenomeen zonder belang was. Microsoft had en website om te huilen. Maar in dat jaar kwam Gates tot de conclusie dat hij verkeerd zat, en sprong met al zijn kracht op de ontwikkeling van het net. Het durf kapitaal werd wakker, Roel Pieper werd in de wandelgangen gesignaleerd en er ontstonden vreselijke ruzies met NL-net over dataverkeer.
We stonden op de grens, al wisten we het niet.
In de jaren tachtig hadden we het idee problemen op te lossen door alles in databases te stoppen
Met het verschijnen van internet knoopten we die aanelkaar.
Het gevolg was een brij niemand wijs uit kon worden.
Microsoft zwengelt de internet explosie aan.
Morgen het vervolg op opa verteld – de informatie explosie – zoek ontwikkelingen en natuurlijk de job boards en vacature sites
Gisteren gaf Trouw al aan dat de arbeidsmarkt vrij lauw lijkt te reageren op de krediet crisis. Uit onze eigen research op taalgebruik en toonzetting van berichtgeving van werknemers en werkgevers blijkt ook geen duidelijke correlatie tussen deze onrust en arbeidsmarkt dynamiek.
De woorden die men gebruikt zijn negatiever geworden, maar de algemene trend en onderliggende semantische data geven geen echt verlies aan vertrouwen weer. Een verschil met de situatie op de woningmarkt.
Een korte ronde langs een paar vacature banken lijkt het beeld te bevestigen. Monsterboard Nederland geeft aan een korte daling in het aantal vacatures te hebben gezien en een duidelijke toename van het aantal geplaatste CV’s. Careerbuilder Nederland die meestal een zeer adequaat beeld van de korte termijn situatie op de markt heeft geeft bij monde van de heer Echadi aan geen duidelijke verschillen in kwantiteit te zien. Wel is er naar zijn zeggen minder vraag vanuit het uitzend wezen.
De Nederlandse arbeidsmarkt is inderdaad een vreemd wezen dat vaak een eigen leven lijkt te leiden. Als oude rot in die hoek lijkt het me wel aardig als blijkt dat onze markt een van de weinige is die zich niet van de kaart laat brengen door een Web 2.0 getriggerde strobrand.
Vanmiddag heb ik een paar gesprekken met Management Consultancy bureaus en ben zeer benieuwd hoe die tegen deze situatie aankijken. Naast de ZZP’ers is dat een vrij conjunctuur gevoelige sector waar niet direct op belangrijke lopende projecten zal worden gesnoeid maar de “new business” of order portefeuille wel eens een indicatie van de “werkelijke niet opgehypte” werkelijkheid kan zijn